ECLI:NL:RBSGR:2009:BK5092
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing machtiging voorlopig verblijf wegens onvoldoende middelen
Eisers, beiden van Afghaanse nationaliteit, hebben een aanvraag ingediend voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) om bij hun echtgenoot of vader, de referent, te verblijven. De minister van Buitenlandse Zaken heeft deze aanvraag afgewezen wegens onvoldoende middelen van bestaan van de referent. Eisers maakten bezwaar en stelden beroep in tegen deze besluiten.
De rechtbank toetst het besluit aan de Vreemdelingenwet 2000 en het Vreemdelingenbesluit 2000, waarin is bepaald dat een verblijfsvergunning alleen wordt verleend indien de referent duurzaam en zelfstandig over voldoende middelen van bestaan beschikt. Verweerder stelde dat de referent niet voldeed aan dit middelenvereiste en dat er geen bijzondere omstandigheden waren om hiervan af te wijken.
De rechtbank oordeelt dat verweerder ten onrechte heeft aangenomen dat de referent niet over voldoende middelen beschikt. Er was onduidelijkheid over de loonhoogte en de verwerking van vakantiegeld in het loon, maar eisers hebben voldoende bewijs geleverd met loonstroken, werkgeversverklaringen, arbeidsovereenkomsten en bankafschriften. Verweerder had nader onderzoek moeten verrichten naar deze onduidelijkheden.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep gegrond, vernietigt de bestreden besluiten en draagt verweerder op nieuwe besluiten te nemen. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de afwijzing van de machtiging tot voorlopig verblijf en draagt verweerder op nieuwe besluiten te nemen.