ECLI:NL:RBSGR:2009:BK3808
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen uitzettingsbesluit vreemdeling
Verzoeker, een Somalische vreemdeling, heeft beroep ingesteld tegen de afwijzing van zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Tegelijkertijd verzocht hij om een voorlopige voorziening om te voorkomen dat hij uitgezet zou worden gedurende de behandeling van het beroep.
De voorzieningenrechter beoordeelde of er sprake was van onverwijlde spoed zoals vereist in artikel 8:81 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. Verzoeker had niet concreet aangegeven waarom er spoedeisend belang was. Ook het feit dat hij in vreemdelingenbewaring was gesteld, bood geen aanwijzingen over een naderende uitzetting.
De voorzieningenrechter sloot aan bij eerdere jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State die stelt dat het enkel uitvoerbaar bij voorraad zijn van het besluit en de plaatsing in vreemdelingenbewaring onvoldoende zijn voor spoedeisend belang.
Daarom werd het verzoek tot voorlopige voorziening afgewezen zonder proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens gebrek aan spoedeisend belang.