ECLI:NL:RBSGR:2009:BK1844
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning wegens onvoldoende bewijs persoonlijke betrokkenheid bij gedwongen abortussen
Eiseres, een vrouw van Chinese nationaliteit behorend tot de Oeigoerse minderheid, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel. Verweerder wees deze af op grond van artikel 1F van het Vluchtelingenverdrag, stellende dat eiseres persoonlijk betrokken was bij het uitvoeren van gedwongen abortussen in een ziekenhuis in China.
De rechtbank onderzocht de verklaringen van eiseres en concludeerde dat hoewel zij betrokken was bij de behandeling van vrouwen die slachtoffer waren van gedwongen abortussen, niet ondubbelzinnig is vastgesteld dat zij persoonlijk handelingen heeft verricht die als plegen van gedwongen abortus kunnen worden aangemerkt. Onvoldoende duidelijkheid bestond over de aard van de injecties die zij toediende en haar rol bij de behandeling van vrouwen uit minderheidsgroeperingen.
Eiseres verklaarde tevens dat zij gedwongen abortussen moest uitvoeren maar dit niet heeft gedaan, en dat vertaalfouten mogelijk hebben geleid tot onjuiste interpretaties van haar verklaringen. Verweerder kon niet aannemelijk maken dat eiseres 'personal participation' had, een vereiste voor toepassing van artikel 1F.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en beval een hernieuwde beslissing met inachtneming van deze overwegingen. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning wordt vernietigd wegens onvoldoende bewijs van persoonlijke betrokkenheid bij gedwongen abortussen.