ECLI:NL:RBSGR:2009:BK0928
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Voorlopige machtiging tot voortduren verblijf in psychiatrisch ziekenhuis op eigen verzoek
De rechtbank 's-Gravenhage heeft op 3 augustus 2009 uitspraak gedaan over het verzoek tot voorlopige machtiging voor het voortduren van het verblijf van betrokkene in een psychiatrisch ziekenhuis. Betrokkene, geboren in 1974 en woonachtig te [plaats A], wordt sinds 31 januari 2009 op basis van een voorwaardelijke machtiging opgenomen in het psychiatrisch ziekenhuis Parnassia te 's-Gravenhage.
De rechtbank heeft betrokkene gehoord, die werd bijgestaan door zijn advocaat, en zich laten voorlichten door arts J. Krijger. Op basis van de processtukken, waaronder de geneeskundige verklaring van psychiater R.F.P. de Winter en verklaringen van betrokkene zelf, is vastgesteld dat betrokkene lijdt aan een stoornis van de geestesvermogens, waaronder schizofrenie, herhaald middelengebruik en een verstandelijke beperking.
De rechtbank oordeelt dat betrokkene door zijn ziekte een gevaar vormt voor zichzelf en anderen, en dat dit gevaar niet door tussenkomst van personen of instellingen buiten een psychiatrisch ziekenhuis kan worden afgewend. Betrokkene is bereid tot behandeling en heeft zelf het verzoek tot opname ingediend. De voorlopige machtiging wordt verleend voor een periode van zes maanden, tot en met 21 november 2009.
De beschikking is gegeven door mr. J.G.J. Brink en uitgesproken tijdens een openbare terechtzitting. De procedure vond plaats op basis van de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen (Wet Bopz), waarbij de rechtbank alle relevante medische en juridische stukken heeft betrokken in haar beoordeling.
Uitkomst: De rechtbank verleent een voorlopige machtiging voor het voortduren van het verblijf van betrokkene in een psychiatrisch ziekenhuis tot 21 november 2009.