ECLI:NL:RBSGR:2009:BJ7629
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep en voorlopige voorziening tegen tijdelijk huisverbod wegens huiselijk geweld
Op 1 mei 2009 vond er een geweldsincident plaats tussen verzoeker en zijn vader in de gezamenlijke woning. Naar aanleiding hiervan legde de hulpofficier van justitie namens de burgemeester een tijdelijk huisverbod op aan verzoeker, geldig van 2 mei tot 12 mei 2009. Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en verzocht tevens om opschorting van het huisverbod.
Tijdens de zitting, die met gesloten deuren plaatsvond, werden de minderjarige kinderen gehoord en waren naast partijen ook maatschappelijk werk en het Adviessteunpunt huiselijk geweld aanwezig. De voorzieningenrechter oordeelde dat nader onderzoek niet noodzakelijk was en dat het huisverbod terecht was opgelegd, ondanks dat het Risicotaxatie instrument Huiselijk Geweld (RiHG) niet volledig correct was ingevuld.
De voorzieningenrechter benadrukte dat het huisverbod geen straf is, maar een beschermingsmaatregel om verdere escalatie te voorkomen. Gezien het geweldsincident, de voortdurende spanningen en het nog niet volledig op gang gekomen hulpverleningstraject, bleef het ernstig en onmiddellijk gevaar voor de veiligheid van de medebewoners aanwezig. Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen het tijdelijk huisverbod wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.