ECLI:NL:RBSGR:2009:BJ3963
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- M.Th. Nijhuis
- Rechtspraak.nl
Rechtsgeldigheid inschrijving en uitleg gunningcriterium bij Europese aanbesteding sanitaire voorzieningen
INHolland kondigde een openbare Europese aanbesteding aan voor de levering van sanitaire voorzieningen, waarbij gunning zou plaatsvinden op basis van de economisch meest voordelige inschrijving. CWS deed tijdig een inschrijving, maar INHolland wees Hokatex aan als winnaar en verklaarde later de inschrijving van CWS ongeldig wegens niet voldoen aan referentie- en verzekeringseisen.
CWS betoogde dat INHolland haar rechten had verwerkt door niet eerder op de ongeldigheid te wijzen en dat de contractwaarde van een referentie wel voldeed, mede door btw en lopende contracten. De rechtbank verwierp deze argumenten en oordeelde dat de inschrijving terecht terzijde was gelegd, mede omdat het hier een knock-out criterium betrof.
Daarnaast stond centraal of bij de beoordeling van de all-in prijzen de hoeveelheden uit de bijlagen moesten worden meegewogen. CWS stelde dat alleen prijzen per product moesten worden meegewogen, maar de rechtbank vond dat uit de aanbestedingsdocumenten en de beoordelingsmethodiek voldoende blijkt dat de hoeveelheden meewegen, zodat het doel van transparantie en correcte kosteninschatting wordt gediend.
De vorderingen van CWS tot heraanbesteding en gunning werden afgewezen, evenals de vordering van Hokatex tot bevestiging van de gunning. CWS werd veroordeeld in de proceskosten van INHolland en Hokatex, terwijl Hokatex in het geding tegen INHolland werd vrijgesteld van kosten.
Deze uitspraak bevestigt het belang van strikte naleving van aanbestedingscriteria en transparantie in de beoordeling van offertes.
Uitkomst: De inschrijving van CWS is terecht ongeldig verklaard en de gunning aan Hokatex blijft in stand.