ECLI:NL:RBSGR:2009:BJ3598
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Naheffing omzetbelasting wegens onterechte optie belaste levering onroerende zaak
Eiseres, een onderneming in onroerende zaken, verkreeg in januari 2000 de onverdeelde helft van een pand waarvan de leverancier eerder de units belast had verkregen met een optie voor belaste levering. Eiseres verhuurde het pand belast vanaf april 2000, maar leverde het later vrijgesteld aan een derde. Hierdoor was de optie voor belaste levering onterecht toegepast, wat leidde tot een naheffingsaanslag omzetbelasting en een boete.
De kern van het geschil betrof de vraag of de herzienings-BTW die bij de leverancier is ontstaan, ook bij eiseres als verkrijger kan worden nageheven op grond van artikel 12a van de Wet OB 1968. Eiseres voerde aan dat de naheffing slechts betrekking kan hebben op omzetbelasting direct samenhangend met de levering, en dat zij geen inzicht heeft in de hoogte van de herzienings-BTW bij de leverancier.
De rechtbank oordeelde dat de tekst van artikel 12a Wet OB ruim moet worden uitgelegd en ziet op alle voorbelasting die aan de leverancier is toegerekend om de levering te verrichten, inclusief de voorbelasting op de verkrijging door de leverancier. De naheffingsaanslag is daarom terecht opgelegd en het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: De naheffingsaanslag omzetbelasting is terecht opgelegd en het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard.