ECLI:NL:RBSGR:2009:BJ2182
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing verblijfsvergunning wegens onvoldoende bescherming tegen huiselijk geweld in Turkije
Verzoeksters, een moeder en haar dochter van Koerdische afkomst uit Turkije, vreesden voor hun veiligheid vanwege bedreigingen en huiselijk geweld door de ex-echtgenoot/vader. Ondanks meerdere aangiften bij de Turkse politie bleef het geweld voortduren, waarna zij hun land verlieten en asiel in Nederland aanvroegen.
De Immigratie- en Naturalisatiedienst wees hun aanvragen af omdat er geen acute vluchtsituatie was en omdat zij bescherming konden zoeken bij Turkse autoriteiten. De rechtbank oordeelde echter dat deze motivering onvoldoende was, aangezien de Turkse autoriteiten ondanks verhoogde aandacht voor huiselijk geweld geen effectieve bescherming boden.
De rechtbank verwees naar jurisprudentie en het Europees Hof voor de Rechten van de Mens, die erkennen dat onvoldoende bescherming tegen huiselijk geweld een grond kan zijn voor asiel. De afwijzing werd vernietigd en de zaak werd terugverwezen voor nieuwe besluitvorming met correcte motivering.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de afwijzing van de verblijfsvergunningen wegens onvoldoende motivering dat Turkse autoriteiten bescherming bieden.