ECLI:NL:RBSGR:2009:BI8886
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling voortduring bewaring vreemdeling ondanks verschillen in werkwijze Marokkaanse consulaten
Eiser is op 6 oktober 2008 in bewaring gesteld op grond van de Vreemdelingenwet 2000. Hij verzet zich tegen de voortzetting van deze maatregel en stelt dat het zicht op uitzetting ontbreekt vanwege verschillen in de werkwijze van het Marokkaanse consulaat Den Bosch, waar zijn lp-aanvraag is ingediend.
De rechtbank overweegt dat het consulaat Den Bosch alleen vreemdelingen die gedocumenteerd zijn of vrijwillig terug willen keren in persoon presenteert. Eiser werkt niet mee aan zijn uitzetting en is niet gedocumenteerd, waardoor hij niet in persoon wordt gepresenteerd. Uit eerdere uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State volgt dat het ontbreken van medewerking en vertraging in de lp-procedure niet betekent dat het zicht op uitzetting ontbreekt.
Verweerder heeft toegelicht dat de verschillende consulaten elk hun eigen werkgebied hebben en dat het consulaat Den Bosch een afwijkende werkwijze hanteert, maar dat dit nog niet leidt tot significante verschillen in lp-verstrekkingen. Eiser heeft nagelaten zijn identiteit en nationaliteit vast te stellen en weigert medewerking. De rechtbank concludeert dat de voortduring van de vrijheidsontnemende maatregel wettelijk gerechtvaardigd is en wijst het beroep ongegrond.
Ook het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open.
Uitkomst: Het beroep tegen de voortzetting van de bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.