ECLI:NL:RBSGR:2009:BI8745
Rechtbank 's-Gravenhage
- Herziening
- B. van Velzen
- J.A.M. van den Berk
- F.H.J.G. Brekelmans
- Rechtspraak.nl
Herziening en gegrondverklaring beroep tegen onrechtmatige bewaring met schadevergoeding
Verzoeker werd op 22 februari 2008 in bewaring gesteld door de Staatssecretaris van Justitie. Hij stelde beroep in tegen deze bewaring met het argument dat hij recht had op een verblijfsvergunning op grond van het generaal pardon (Ranov). De Staatssecretaris stelde dat een verblijf van één week in het Verenigd Koninkrijk dit recht uitsloot. De rechtbank verklaarde het beroep op 14 maart 2008 ongegrond. Later, op 23 juli 2008, werd de bewaring opgeheven omdat mogelijk toch recht bestond op het generaal pardon.
Verzoeker vroeg daarop herziening van de uitspraak van 14 maart 2008, op basis van nieuwe informatie dat een verblijf in het buitenland van maximaal twee weken niet in de weg staat aan verlening van een verblijfsvergunning. De rechtbank oordeelde dat deze informatie vóór de oorspronkelijke uitspraak bestond maar niet bekend was bij verzoeker en dat, indien bekend, dit tot een andere uitspraak had kunnen leiden. Daarom werd het verzoek om herziening toegewezen.
De rechtbank verklaarde het beroep alsnog gegrond, kende verzoeker een schadevergoeding toe van €1.657,50 wegens onrechtmatige bewaring en veroordeelde de Staatssecretaris in de proceskosten. De schadevergoeding werd verhoogd vanwege het verstrekken van onjuiste informatie door de Staatssecretaris, wat leidde tot een onterechte bewaring. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open.
Uitkomst: Het beroep tegen de bewaring wordt alsnog gegrond verklaard en verzoeker ontvangt een schadevergoeding van €1.657,50.