ECLI:NL:RBSGR:2009:BI3830
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verplichting verhuurder tot spoedig herstel na brand in gehuurde supermarkt
In deze zaak betreft het een bedrijfsruimte die Schuitema Vastgoed B.V. huurde van Bun Vastgoed B.V. en onderverhuurde aan een exploitant van een C-1000 supermarkt. Door brand is het gehuurde zodanig beschadigd dat exploitatie van de supermarkt onmogelijk is geworden. Bun heeft de huurovereenkomst ontbonden wegens het gebrek, maar Schuitema heeft deze buitengerechtelijke ontbinding vernietigd en vordert herstel van het gehuurde.
De kantonrechter oordeelt dat er sprake is van een gebrek in de zin van artikel 7:204 lid 2 BW Pro en dat Bun als verhuurder gehouden is dit gebrek te verhelpen, tenzij herstel onmogelijk is of de kosten onredelijk zijn. Bun erkent het voornemen tot herbouw, wat ook onder herstel valt, en de kosten worden grotendeels door de verzekering gedekt. Het verweer dat Bun niet bevoegd is of dat kort geding niet passend is, wordt verworpen.
De kantonrechter wijst de vordering toe en veroordeelt Bun om binnen een week met Schuitema overleg te voeren over het herstel of herbouw en alles te doen wat redelijkerwijs verwacht kan worden om dit spoedig te effectueren. Tevens wordt een dwangsom opgelegd bij niet-naleving. Bun wordt in de proceskosten veroordeeld.
Uitkomst: Bun Vastgoed B.V. wordt veroordeeld tot overleg en spoedig herstel van het gehuurde met oplegging van een dwangsom.