ECLI:NL:RBSGR:2009:BI1238
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H. Ollermann
- Rechtspraak.nl
Geschil over het juiste indexeringspercentage voor WOZ-waarde woning
Eiser en verweerder zijn in geschil over de WOZ-waarde van een tussenwoning, waarbij het verschil neerkomt op €9.000. Verweerder had de waarde vastgesteld op €272.000 na bezwaar, terwijl eiser een lagere waarde van €263.000 voorstaat. Beide partijen zijn het erover eens dat de aankoopprijs van €290.000 als uitgangspunt dient, maar verschillen van mening over het toe te passen indexeringspercentage.
Verweerder baseerde het indexeringspercentage van 7,5% op een beperkte selectie van 18 woningverkopen, wat volgens de rechtbank onvoldoende representatief is voor de waardeontwikkeling over de langere periode van 1 januari 2003 tot 2 februari 2006. Eiser stelde een hoger indexeringspercentage voor, dat beter aansluit bij de werkelijke prijsstijging.
De rechtbank oordeelt dat verweerder niet aannemelijk heeft gemaakt dat de gehanteerde waarde juist is en wijst het beroep van eiser toe. Tevens concludeert de rechtbank dat het standpunt van verweerder niet door zakelijke motieven wordt ingegeven, mede gelet op de vasthoudendheid waarmee verweerder een compromis wilde afdwingen. De WOZ-waarde wordt vastgesteld op €263.000 en de aanslag onroerende-zaakbelastingen wordt dienovereenkomstig verminderd.
Uitkomst: De WOZ-waarde van de woning wordt vastgesteld op €263.000 en de aanslag onroerende-zaakbelastingen dienovereenkomstig verminderd.