ECLI:NL:RBSGR:2009:BH5103
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Opheffing opschorting vergunning Monumentenwet voor legalisering uitgevoerde wijzigingen
Verzoekster, een B.V., had een vergunning op grond van de Monumentenwet 1988 gekregen voor het wijzigen van panden die beschermd zijn als monument. Tegen deze vergunning was beroep ingesteld door belanghebbenden, waardoor de vergunning automatisch werd geschorst. Verzoekster vroeg om opheffing van deze opschorting.
De voorzieningenrechter overwoog dat de wijzigingen ondergeschikt zijn, zoals het wijzigen van een raam in een deur, het doorbreken van een binnenmuur en het aanbrengen van een brandtrap. Deze werkzaamheden beïnvloeden de monumentale aspecten niet en zijn al geruime tijd uitgevoerd. De vergunning dient slechts ter legalisering van deze veranderingen.
Daarom bestaat geen vrees voor onherstelbare schade aan het monument door het gebruik van de vergunning. Ook de ontvankelijkheid van het beroep en de inhoudelijke beroepsgronden kunnen in de bodemprocedure worden behandeld. De voorlopige voorziening wordt daarom toegewezen, waardoor de opschorting van de vergunning wordt opgeheven.
Uitkomst: De opschorting van de vergunning op grond van de Monumentenwet 1988 wordt opgeheven.