ECLI:NL:RBSGR:2009:BH3774
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- H.F.M. Hofhuis
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens te late klacht over gunningscriteria bij aanbesteding Rijkswaterstaat
Rijkswaterstaat (RWS) schreef een openbare Europese aanbesteding uit voor het leveren van facilitair personeel aan het Facilitair Contact Centrum. FGB deed tijdig een inschrijving die voldeed aan de gestelde geschiktheidscriteria, maar werd niet geselecteerd voor gunning. FGB stelde dat RWS onrechtmatig handelde door gunningscriteria te hanteren die feitelijk geschiktheidscriteria zijn, in strijd met het Besluit aanbestedingsregels voor overheidsopdrachten (BAO) en Europese rechtspraak.
De rechtbank oordeelde dat FGB haar bezwaren over de gunningscriteria te laat had ingebracht, terwijl zij deze al bij het lezen van het aanbestedingsdocument had kunnen en moeten kenbaar maken, conform het Grossmann-arrest. Daarnaast was de toegepaste scoringsmethodiek voor het subgunningscriterium 'Prijs' transparant en gebruikelijk, en was onvoldoende aannemelijk dat RWS het criterium 'Kwaliteit van de in te zetten medewerkers' zwaarder had meegewogen dan 'Prijs'.
De rechtbank concludeerde dat RWS niet onrechtmatig had gehandeld en dat FGB haar recht had verwerkt door te laat te klagen. De vorderingen werden afgewezen en FGB werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten aan zowel RWS als newSolutions, de gevoegde partij aan de zijde van RWS.
Uitkomst: De vorderingen van FGB worden afgewezen wegens te late klacht en onvoldoende aannemelijkheid van onrechtmatig handelen door RWS.