ECLI:NL:RBSGR:2008:BG8547
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen intrekking aanbod verblijfsvergunning
Verweerder bood verzoeker op 17 januari 2008 onder voorwaarden een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd aan in het kader van de pardonregeling. Dit aanbod werd op 22 februari 2008 ingetrokken. Verzoeker diende op 4 april 2008 bezwaar in tegen deze intrekking, maar dit bezwaar werd niet binnen de wettelijke termijn van vier weken ingediend.
Verzoeker vroeg vervolgens op 27 mei 2008 om een voorlopige voorziening om uitzetting te voorkomen totdat op het bezwaar was beslist. Verweerder stelde dat het bezwaar niet-ontvankelijk was wegens termijnoverschrijding. Verzoeker betwistte dit niet en verscheen niet op de zitting.
De voorzieningenrechter overwoog dat het besluit van 22 februari 2008 geen rechtsmiddelclausule bevatte, waardoor de termijnoverschrijding in principe niet verschoonbaar is, tenzij bijzondere omstandigheden aanwezig zijn. Dergelijke omstandigheden zijn niet gesteld of gebleken.
Daarom heeft de voorzieningenrechter geoordeeld dat het bezwaar geen redelijke kans van slagen heeft en heeft het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen. Er zijn geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens niet-tijdig ingediend bezwaar zonder bijzondere omstandigheden.