ECLI:NL:RBSGR:2008:BG5921
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtmatigheid voortduren vreemdelingenbewaring na tweemaal categoriewijziging
Eiser is op 29 mei 2008 in vreemdelingenbewaring gesteld. Tijdens de bewaring vond tweemaal een categoriewijziging plaats op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder b, Vreemdelingenwet 2000. De eerste wijziging volgde op een aanvraag om een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd, de tweede wijziging volgde op een uitspraak van de voorzieningenrechter die de uitzetting opschortte in afwachting van een beslissing op het bezwaarschrift.
Eiser stelde dat deze tweemaalige wijziging onrechtmatig was omdat de termijn van vier of zes weken voor bewaring niet opnieuw mocht aanvangen. De rechtbank oordeelde echter dat de wet en de strekking van artikel 59, vierde lid, juist toelaten dat de termijn opnieuw begint bij een nieuwe grond voor bewaring, om onzekerheid voor de vreemdeling zo kort mogelijk te houden.
De rechtbank verwierp het beroep en het verzoek om schadevergoeding, omdat de situatie van eiser verschilde van eerdere jurisprudentie waarop hij zich beriep. De voortzetting van de bewaring was derhalve rechtmatig en gerechtvaardigd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de rechtmatigheid van de voortzetting van de vreemdelingenbewaring.