ECLI:NL:RBSGR:2008:BG5291
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.B.M. Hent
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit verblijfsvergunning asiel wegens onjuiste beleidsapplicatie
Eiser, een asielzoeker uit Centraal Irak, diende op 26 juli 2003 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Op dat moment gold een categoriaal beschermingsbeleid voor asielzoekers uit Centraal Irak, dat op 24 februari 2006 werd beëindigd en vanaf 2 april 2007 opnieuw werd ingevoerd. Verweerder verleende op 13 juli 2007 een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd met ingang van 2 april 2007.
Eiser stelde dat hem vanaf de datum van zijn aanvraag een vergunning voor bepaalde tijd had moeten worden verleend met een geldigheidsduur tot 26 juli 2006, waarna hij recht had op een vergunning voor onbepaalde tijd. De rechtbank oordeelde dat verweerder op grond van het beleid in WBV 2007/9 de aanvraag ambtshalve had moeten aanmerken als een aanvraag voor een vergunning voor onbepaalde tijd en deze had moeten honoreren.
Verweerder had het eigen beleid onjuist toegepast door de periode zonder categoriaal beschermingsbeleid tegen eiser te gebruiken en het nieuwe beschermingsbeleid niet mee te nemen in de besluitvorming. De rechtbank vernietigde het besluit wegens schending van artikel 4:84 van Pro de Algemene wet bestuursrecht en veroordeelde verweerder tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder dient een nieuw besluit te nemen waarbij eiser ook in aanmerking wordt gebracht voor een verblijfsvergunning asiel voor onbepaalde tijd.