ECLI:NL:RBSGR:2008:BF2177
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verblijfsvergunning medische behandeling wegens ontbreken geldige machtiging
Eiser, een Turkse vreemdeling, heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking medische behandeling. Deze aanvraag is door verweerder afgewezen omdat eiser niet beschikte over een geldige machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) en niet voldeed aan de vrijstellingscriteria van artikel 17, eerste lid, onder c, van de Vreemdelingenwet 2000.
Eiser stelde dat de vraagstelling aan het Bureau Medische Advisering (BMA) onvolledig was, omdat niet expliciet werd gevraagd of het verantwoord was om te reizen en in Turkije te verblijven. De rechtbank oordeelde echter dat de vraag of eiser 'kan' reizen ruim genoeg was en tevens een oordeel over de verantwoordbaarheid van de reis omvatte. Het BMA had geadviseerd dat eiser, ondanks zijn psychische klachten, onder begeleiding van een psychiatrische verpleegkundige kon reizen.
De rechtbank stelde vast dat er voldoende medische behandelmogelijkheden in Turkije zijn en dat geen medische noodsituatie op korte termijn te verwachten is. De hardheidsclausule werd dan ook niet van toepassing geacht. Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard en de afwijzing van de verblijfsvergunning bevestigd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de verblijfsvergunning bevestigd.