ECLI:NL:RBSGR:2008:BE9658
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T. Sleeswijk Visser - de Boer
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit verblijfsvergunning langdurig ingezetene wegens motiveringsgebrek
Eiseres, een Marokkaanse vreemdeling die twintig jaar in Nederland verblijft, diende aanvragen in voor een verblijfsvergunning voor bepaalde en onbepaalde tijd. Beide aanvragen werden door verweerder afgewezen en de daaropvolgende bezwaarschriften ongegrond verklaard. Eiseres stelde dat de Richtlijn 2003/109/EG onjuist was geïmplementeerd en dat zij rechtmatig verblijf had gedurende haar langdurige verblijf in Nederland, waarbij zij tevens een beroep deed op artikel 8 EVRM Pro vanwege haar familieleven en medische situatie.
De rechtbank overwoog dat eiseres niet voldeed aan het vereiste van vijf jaar ononderbroken rechtmatig verblijf zoals bedoeld in de Vreemdelingenwet 2000 en dat de Richtlijn correct was geïmplementeerd. Wel constateerde de rechtbank dat verweerder ten onrechte niet had gereageerd op de bezwaarschriften met betrekking tot de gronden op artikel 8 EVRM Pro, waardoor het besluit werd vernietigd wegens een motiveringsgebrek.
Voor de aanvraag van de verblijfsvergunning voor bepaalde tijd met de beperking “conform beschikking Minister” oordeelde de rechtbank dat verweerder terecht had vastgesteld dat eiseres niet in aanmerking kwam, omdat zij geen nieuwe feiten of omstandigheden had aangevoerd. Het beroep hiertegen werd ongegrond verklaard.
De rechtbank veroordeelde de Staat tot vergoeding van de proceskosten voor het gegrond verklaarde beroep en tot vergoeding van het griffierecht. Partijen kunnen tegen deze uitspraak hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd wordt gegrond verklaard en het besluit vernietigd; het beroep tegen de weigering van de verblijfsvergunning voor bepaalde tijd wordt ongegrond verklaard.