ECLI:NL:RBSGR:2008:BD9528
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging rechtsgeldigheid vaststellingsovereenkomst ondanks dwalingsverweer
De zaak betreft een geschil over de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap tussen eiseres en gedaagde, erfgename van wijlen echtgenoot. Na het overlijden van de echtgenoot werd een vaststellingsovereenkomst gesloten tijdens een comparitie, waarin de verdeling van verzekeringspolissen werd vastgelegd.
Gedaagde stelde dat zij de overeenkomst onder dwang tekende en niet op de hoogte was van de inhoud vanwege taalbarrières en onvoldoende vertaling door de tolk. Zij voerde tevens subsidiair dwaling aan en betoogde dat uitvoering van de overeenkomst onaanvaardbaar zou zijn.
De rechtbank oordeelde dat de vaststellingsovereenkomst rechtsgeldig tot stand was gekomen, mede omdat gedaagde werd bijgestaan door een advocaat en een beëdigde tolk aanwezig was. Het beroep op dwaling faalde wegens gebrek aan feitelijke onderbouwing en het ontbreken van een informatieplicht van eiseres.
Het verzet werd daarom ongegrond verklaard en het verstekvonnis bekrachtigd. Gedaagde werd veroordeeld in de kosten van de procedure.
Uitkomst: Het verzet van gedaagde wordt ongegrond verklaard en het verstekvonnis bekrachtigd.