ECLI:NL:RBSGR:2008:BD5726
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- R.J. Paris
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tegen beperkingen raadsman bij politieverhoor in experiment levensdelicten
Op 1 juli 2008 startte een experiment waarbij de raadsman van een verdachte bij het eerste politieverhoor aanwezig mag zijn indien de verdachte wordt beschuldigd van een voltooid levensdelict. Dit experiment vond plaats in de politieregio's Amsterdam-Amstelland en Rotterdam-Rijnmond en beoogde de rechtspositie van de verdachte te versterken.
Eisers stelden dat de door gedaagde geformuleerde uitgangspunten onrechtmatig zijn omdat zij de raadsman beperken in zijn optreden en daarmee inbreuk maken op zijn onafhankelijkheid. Zij vorderden onder meer dat deze uitgangspunten buiten werking worden gesteld of dat gedaagde wordt verboden deze te handhaven.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het experiment een wezenlijke uitbreiding van de rechtspositie van de verdachte betekent, aangezien de raadsman voorafgaand aan het verhoor vertrouwelijk met de verdachte kan spreken en fysiek aanwezig mag zijn tijdens het verhoor. De beperkingen aan de raadsman zijn geoorloofd gezien het belang van een ordelijk verhoor en de waarheidsvinding. De uitgangspunten zijn in overleg met de Nederlandse Orde van Advocaten tot stand gekomen en vormen een balans tussen de belangen van de verdachte en het onderzoeksbelang.
De vorderingen van eisers werden afgewezen en zij werden veroordeeld in de proceskosten. Het oordeel was dat geen sprake is van een onrechtmatige beknotting van de raadsman en dat het experiment de positie van de verdachte versterkt ten opzichte van de bestaande praktijk.
Uitkomst: De vorderingen van eisers tegen de beperkingen voor de raadsman bij het politieverhoor worden afgewezen.