ECLI:NL:RBSGR:2008:BD5409
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Chr.A.J.F.M. Hensen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering executie handelsnaamverbod na niet-tijdige opheffing website
In deze zaak staat een executiegeschil centraal over de naleving van een vonnis waarin [R] verboden werd de handelsnaam [Y] Bouw te gebruiken. [R] heeft het verbod grotendeels nageleefd, waaronder het aanpassen van briefpapier en wijziging van de handelsnaam in het handelsregister. De discussie richt zich op de niet-tijdige opheffing van de website met domeinnaam [Y].nl.
[X]-Bouw vordert betaling van dwangsommen omdat de website pas na de termijn offline werd gehaald. [R] stelt dat hij tijdig het opheffingsformulier aan de provider Hostway heeft gestuurd en dat de vertraging buiten zijn macht lag. De voorzieningenrechter had eerder geoordeeld dat het gebruik van de domeinnaam als handelsnaamgebruik geldt.
De rechtbank oordeelt dat de niet-tijdige opheffing niet aan [R] kan worden toegerekend, omdat de provider tijd nodig had en [X]-Bouw niet aannemelijk heeft gemaakt dat [R] hiervan op de hoogte was of eerder had moeten handelen. Ook het geringe belang van de website en het ontbreken van waarschuwingen door [X]-Bouw spelen mee. De vorderingen worden afgewezen en [X]-Bouw wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van [X]-Bouw af en veroordeelt haar in de proceskosten.