ECLI:NL:RBSGR:2008:BD3037
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Vernietiging ongewenstverklaring wegens schending gezinsleven en motiveringsplicht
Eiser is op grond van artikel 67 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 ongewenst verklaard vanwege een eerdere strafrechtelijke veroordeling. Hij voerde in bezwaar en beroep aan dat deze maatregel zijn gezinsleven met zijn in Zweden woonachtige kind belemmert, hetgeen bescherming geniet onder artikel 8 EVRM Pro.
De rechtbank oordeelt dat verweerder ten onrechte geen overwegingen heeft gewijd aan artikel 8 EVRM Pro en dat het bezwaar ten onrechte als kennelijk ongegrond werd bestempeld, waardoor eiser onterecht niet is gehoord. De rechtbank volgt het standpunt van verweerder niet dat gezinsleven alleen geldt binnen Nederland en acht het mogelijk dat de ongewenstverklaring een inmenging vormt in het gezinsleven.
Daarom wordt het bestreden besluit vernietigd en wordt verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de rechtbank op het beroep heeft beslist. Verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit wordt vernietigd wegens schending van artikel 8 EVRM en motiveringsplicht.