ECLI:NL:RBSGR:2008:BC8381
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- R.G.H. Odink
- J.Th.H. Zimmerman
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige vreemdelingenbewaring wegens onduidelijke wettelijke grondslag staandehouding en onrechtmatig gebruik handboeien
Eiser werd op 30 januari 2008 in vreemdelingenbewaring gesteld na een politieactie gericht op een terreurgelieerde verdachte in de woning waar eiser verbleef. De politie had een machtiging tot binnentreden en trof de verdachte direct aan, waarmee het doel van de actie feitelijk was bereikt. Desondanks werd eiser staande gehouden en naar zijn identiteit, nationaliteit en verblijfsstatus gevraagd. Uit het proces-verbaal bleek niet welke wettelijke bevoegdheid hiervoor werd gebruikt, noch welk redelijk vermoeden van illegaal verblijf bestond. De rechtbank oordeelde dat de staandehouding onrechtmatig was.
Daarnaast werden handboeien gebruikt bij het transport van eiser, zonder dat uit het dossier bleek welke specifieke overwegingen of veiligheidsrisico's dit rechtvaardigden. Dit was eveneens onrechtmatig. Verweerder stelde geen belangen aan waarom de bewaring ondanks deze onrechtmatigheden toch rechtmatig zou zijn. De rechtbank vond de bewaring daarom niet gerechtvaardigd en besloot tot opheffing per 7 maart 2008.
Verder werd verweerder veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding van €2715 aan eiser, gebaseerd op het aantal dagen dat eiser ten onrechte aan de vrijheidsontnemende maatregel was onderworpen. Ook werden proceskosten van €322 toegewezen aan eiser. Het beroep werd gegrond verklaard en verweerder in het ongelijk gesteld.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, de bewaring wordt opgeheven en eiser ontvangt een schadevergoeding van €2715.