ECLI:NL:RBSGR:2008:BC5855
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- B. Meijer
- M.D.J. van Reenen-Stroebel
- C.C. Dedel-van Walbeek
- Rechtspraak.nl
Ontslag raadsgriffier wegens vertrouwensbreuk onvoldoende feitelijke grondslag
Eiser, benoemd tot raadsgriffier, werd op grond van artikel 8:8 CAR Pro/UWO ontslagen wegens een vertrouwensbreuk die verweerder baseerde op kritiek op zijn functioneren. Deze kritiek betrof onder meer ongestructureerd werken, slechte communicatie en onvoldoende ondersteuning van de raad.
De rechtbank oordeelt dat de kritiek grotendeels niet met concrete feiten is onderbouwd, deels louter waardeoordelen betreft en bovendien pas jaren na het uitvallen van eiser wegens ziekte is geuit, waardoor deze niet meer verifieerbaar is. Ook het politieke aspect en de gewijzigde samenstelling van het bestuur kunnen geen voldoende grondslag vormen.
De rechtbank stelt vast dat eiser redelijkerwijs mocht verlangen dat hem de redenen voor het verlies aan vertrouwen schriftelijk zouden worden meegedeeld alvorens een minnelijke regeling te bespreken. Het ontbreken hiervan en het escaleren van de situatie zijn aan verweerder toe te rekenen.
Gelet op het ontbreken van een voldoende feitelijke grondslag vernietigt de rechtbank het bestreden besluit en herroept het primaire ontslagbesluit. Tevens veroordeelt zij verweerder tot vergoeding van de proceskosten en griffierecht van eiser.
Uitkomst: Het ontslagbesluit wegens vertrouwensbreuk wordt vernietigd en het primaire ontslagbesluit herroepen.