ECLI:NL:RBSGR:2008:BC2961
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing van taalanalyse en contra-expertise in asielprocedure
Eiseres, een vrouw van Burundese nationaliteit, verzocht op 10 februari 2006 om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Dit verzoek werd op 11 januari 2007 afgewezen door verweerder, onder meer vanwege twijfel over haar identiteit en nationaliteit, gebaseerd op een taalanalyse die concludeerde dat zij niet uit Burundi afkomstig was.
Eiseres stelde in beroep dat de taalanalyse onjuist was en overlegde een contra-expertise, die echter pas in de beroepsfase werd ingediend. De rechtbank oordeelt dat eiseres tijdig en adequaat heeft gehandeld door binnen de gestelde termijn uitstel te vragen en verweerder op de hoogte te houden van de voortgang van de contra-expertise.
De rechtbank wijkt af van het uitgangspunt dat capaciteitsproblemen bij het onderzoeksbureau in de risicosfeer van de vreemdeling liggen en acht de contra-expertise als nadere onderbouwing van het eerdere standpunt relevant voor de beoordeling van het beroep.
Verweerder heeft geen inhoudelijke reactie gegeven op de contra-expertise, waardoor het bestreden besluit onvoldoende is gemotiveerd. De rechtbank vernietigt het besluit, verklaart het beroep gegrond en beveelt een nieuw besluit waarin de contra-expertise wordt betrokken. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd, met de verplichting voor verweerder een nieuw besluit te nemen waarin de contra-expertise wordt betrokken.