ECLI:NL:RBSGR:2007:BD1586
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Geschil over gebreken en beslagen bij verbouwingswerkzaamheden aan panden
Partijen zijn betrokken bij een geschil over verbouwingswerkzaamheden aan panden, waarbij [A] Bouw B.V. als aannemer en [B] als opdrachtgever optreden. [B] stelt dat er gebreken zijn en houdt een deel van de aanneemsom in, waarna beide partijen conservatoire beslagen leggen op elkaars goederen.
De rechtbank beoordeelt in kort geding of de beslagen opgeheven moeten worden en of zij bevoegd is om kennis te nemen van een vordering tot betaling van een voorschot op schadevergoeding. Uit de stukken blijkt dat de oplevering later dan gepland was en dat er klachten en gebreken zijn, maar dat dit niet eenvoudig in kort geding kan worden vastgesteld.
De voorzieningenrechter oordeelt dat niet summierlijk is gebleken dat de vorderingen ondeugdelijk zijn en handhaaft het beslag van [B] tot een bedrag van € 100.000,--. Het beslag van [A] wordt opgeheven. De rechtbank verklaart zich onbevoegd om kennis te nemen van de vordering tot betaling van een voorschot op schadevergoeding vanwege een arbitragebeding in de overeenkomst. De kosten worden verdeeld.
Uitkomst: Het beslag van [B] wordt gehandhaafd tot € 100.000,--, het beslag van [A] opgeheven en de rechtbank verklaart zich onbevoegd over het voorschot op schadevergoeding.