ECLI:NL:RBSGR:2007:BD0502
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering afgifte Verklaring Omtrent het Gedrag voor docent wegens drugsveroordeling
Eiser verzocht op 26 mei 2005 om een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) voor een functie als docent. De Minister van Justitie weigerde de afgifte op grond van een veroordeling van 10 maart 2005 wegens het aanwezig hebben van harddrugs, een voorwaardelijke werkstraf van 25 uur met proeftijd van 2 jaar.
Eiser stelde dat hij ten onrechte werd geweigerd omdat hij inmiddels vrijgesproken was van een ander feit uit 2002 en dat het bezit van drugs voor eigen gebruik tijdens uitgaan niet relevant was. Hij stelde ook dat nadere inlichtingen bij het openbaar ministerie ontbraken en dat de motivering van het besluit onvoldoende was.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht uitging van de strafrechtelijke situatie ten tijde van het besluit en dat het bezit van harddrugs niet wordt gedoogd maar bestraft. De risico’s voor minderjarigen en de voorbeeldfunctie van een docent rechtvaardigen de weigering. Ook het belang van eiser bij resocialisatie en zijn ontslag bij de politie wegen niet op tegen het risico.
De rechtbank concludeerde dat de weigering van de VOG zorgvuldig en voldoende gemotiveerd was en verklaarde het beroep ongegrond. Er was geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de VOG voor de functie van docent wordt ongegrond verklaard.