ECLI:NL:RBSGR:2007:BC7310
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T. Sleeswijk Visser-de Boer
- Rechtspraak.nl
Weigering eenmalige vergoeding voor voeding aan marechaussee op terechte gronden
Eiser, een marechaussee werkzaam op een kazerne, verzocht om een eenmalige vergoeding voor voeding over de jaren 2000 tot en met 2006. Deze vergoeding was eerder toegekend aan vijf burgercollega’s na een procedure waarin zij betrokken waren. Verweerder wees het verzoek af op grond van artikel 9 van Pro de Regeling huisvesting en voeding militairen, waarin staat dat militairen alleen aanspraak hebben op voeding verstrekt door Defensie indien zij niet in eigen voeding kunnen voorzien, naar het oordeel van de commandant.
De rechtbank overwoog dat de burgercollega’s een rechtens te honoreren verwachting hadden vanwege toezeggingen van het waarnemend Hoofd P&O, terwijl eiser geen dergelijke toezeggingen had ontvangen. Ook was er geen begin van uitvoering van een toezegging aan eiser gemaakt. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde daarom. Daarnaast werd het beroep op de hardheidsclausule en de afwijkingsbevoegdheid van artikel 4:84 Awb Pro verworpen omdat eiser dit niet had aangevraagd en de regeling zelf al een afwijkingsmogelijkheid bevat.
De rechtbank concludeerde dat verweerder op goede gronden het verzoek tot vergoeding had geweigerd en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de weigering van een eenmalige vergoeding voor voeding is ongegrond verklaard.