ECLI:NL:RBSGR:2007:BC5663
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel onbepaalde tijd wegens onvoldoende motivering ongeloofwaardigheid asielrelaas
Eiser, van Sierraleoonse nationaliteit, heeft op 18 maart 2004 een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor onbepaalde tijd. Deze aanvraag werd op 14 juni 2007 afgewezen, terwijl eiser sinds 4 november 1999 een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd had. Verweerder stelde dat eiser geen actueel procesbelang had, maar de rechtbank oordeelde dat dit wel het geval was vanwege de mogelijkheid tot verkrijgen van een vluchtelingenpaspoort.
De rechtbank beoordeelde of verweerder terecht aannam dat het asielrelaas van eiser ongeloofwaardig was en dat eiser niet in aanmerking kwam voor een verblijfsvergunning op andere gronden. Verweerder baseerde zich onder meer op het ontbreken van documenten ter onderbouwing van de reisroute en het gebrek aan gedetailleerde verklaringen van eiser. Eiser stelde dat hij door omstandigheden, waaronder zijn psychische toestand en de wijze van reizen als irreguliere passagier, niet in staat was deze documenten te overleggen.
De rechtbank oordeelde dat verweerder onvoldoende had gemotiveerd waarom eiser meer gedetailleerde verklaringen had moeten geven en onvoldoende had gereageerd op de psychische omstandigheden van eiser. Hierdoor was de beoordeling van de geloofwaardigheid van het asielrelaas niet deugdelijk gemotiveerd. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en droeg verweerder op een nieuw besluit te nemen binnen zes weken. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning asiel voor onbepaalde tijd wordt vernietigd.