ECLI:NL:RBSGR:2007:BC2371
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- M.G.L. de Vette
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening inzake weigering verblijfsdocument gemeenschapsonderdaan
Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van 23 augustus 2007 van verweerder om geen verblijfsdocument af te geven op grond van artikel 9, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000. Verzoeker stelde dat hij rechtmatig in Nederland verbleef als gemeenschapsonderdaan en dat de weigering van het document geen invloed heeft op dit verblijfsrecht.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het verblijfsrecht van verzoeker rechtstreeks voortvloeit uit het gemeenschapsrecht en niet afhankelijk is van het beschikken over het document dat enkel dient als bewijs van rechtmatig verblijf. De stelling van verweerder dat de weigering tot uitzetting kan leiden, werd verworpen.
Omdat er geen spoedeisend belang bestond voor het treffen van een voorlopige voorziening, werd het verzoek afgewezen. Wel werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht van verzoeker, omdat verweerder ten onrechte had gesteld dat uitzetting mogelijk was bij niet-verlaten binnen vier weken.
Uitkomst: Het verzoek tot voorlopige voorziening wordt afgewezen, maar verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.