ECLI:NL:RBSGR:2007:BC1040
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Intrekking verblijfsvergunning asiel wegens twijfel over identiteit en nationaliteit onvoldoende onderbouwd
Eiser, met gestelde Sierra Leoonse nationaliteit, had eerder een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd gekregen. Verweerder weigerde de aanvraag voor een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd op basis van een taalanalyse die twijfel zaaide over eisers identiteit en nationaliteit.
De rechtbank oordeelt dat verweerder bevoegd was de taalanalyse uit te voeren en dat dit een geoorloofde onderzoeksmethode is. Echter, het rapport van de taalanalist is onvoldoende onderbouwd: het onderzoek vond plaats via een Engelse tolk terwijl de beoordeling over beheersing van het Krio ging, de deskundigheid over Pidgin-Engels is onduidelijk, en het is niet vastgesteld of eiser gevraagd is zijn vermeende moedertaal te spreken.
Ook ontbreekt inzicht in hoe de taalanalist tot de conclusie kwam dat eiser geen concrete informatie over zijn herkomst kan geven. Gezien deze tekortkomingen is het rapport niet geschikt als basis voor het besluit. De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het besluit en beveelt een nieuw besluit met nader onderzoek.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot weigering van de verblijfsvergunning wordt vernietigd wegens onvoldoende onderbouwing van onjuiste gegevens.