ECLI:NL:RBSGR:2007:BC0784
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.B.M. Hent
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke vernietiging weigering visum kort verblijf wegens schending hoorplicht en onjuiste toetsing vestigingsgevaar
Eiseres vroeg op 7 september 2006 een visum voor kort verblijf aan om familie in Nederland te bezoeken. De aanvraag werd geweigerd omdat verweerder meende dat eiseres niet voldeed aan het middelenvereiste en dat er sprake was van vestigingsgevaar. In bezwaar werd dit standpunt bevestigd zonder eiseres te horen over het middelenvereiste, wat de rechtbank als schending van de hoorplicht beoordeelde.
De rechtbank oordeelde dat verweerder onvoldoende concreet had gemotiveerd waarom eiseres het middelenvereiste niet zou voldoen, aangezien de bankverklaringen op naam van haar echtgenoot stonden. Tevens was het oordeel over het vestigingsgevaar onvoldoende onderbouwd: de sociale en economische bindingen van eiseres met Irak waren substantieel, terwijl de binding met Nederland beperkt was. De rechtbank volgde verweerder dan ook niet in diens vermoeden dat eiseres zich in Nederland zou vestigen.
Gelet op deze tekortkomingen verklaarde de rechtbank het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en beval een nieuwe beslissing met inachtneming van de uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak.