ECLI:NL:RBSGR:2007:BC0713
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.I.H. Fockens
- A.J. van Putten
- P.H.A. Knol
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende motivering over vervolgingsgevaar
Eiser, van etnisch Armeense afkomst uit Azerbeidzjan, vluchtte in 2000 naar Nederland na geweld en vervolging in zijn land van herkomst. Zijn eerdere asielaanvraag werd afgewezen, maar die beslissing werd door de rechtbank vernietigd wegens onvoldoende onderbouwing van het ontbreken van vervolgingsgevaar.
Verweerder nam een nieuw besluit waarbij werd gesteld dat uit een ambtsbericht van 2005 blijkt dat er geen vervolging op etnische gronden meer plaatsvindt in Azerbeidzjan. De rechtbank oordeelt echter dat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd waarom terugkeer destijds zonder gevaar mogelijk was, terwijl eerdere uitspraken juist het tegendeel stelden.
De rechtbank benadrukt dat het bestuursorgaan ex nunc beslist, maar dat in dit geval ook moet worden beoordeeld of ten tijde van de oorspronkelijke aanvraag onterecht een vergunning is onthouden. Verweerder heeft nagelaten dit te betrekken, wat leidt tot een motiveringsgebrek.
Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd en verweerder opgedragen binnen zes weken een nieuw besluit te nemen. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten van €805.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot weigering van een verblijfsvergunning asiel wordt vernietigd wegens motiveringsgebrek en een nieuw besluit wordt bevolen.