ECLI:NL:RBSGR:2007:BC0029
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.A.G.M. van Rens
- C.C. Dedel-van Walbeek
- A.H. Bergman
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek wegens ontbreken van schijn van partijdigheid rechter
Verzoeker heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen de meervoudige kamer van de rechtbank vanwege vermeende partijdigheid, met name gericht tegen de voorzitter. Dit verzoek volgde na een discussie over de toepassing van de recidivegrond voor het voortduren van de voorlopige hechtenis.
De rechtbank overweegt dat het wrakingsverzoek deels niet tijdig is ingediend en dat de aangevoerde opmerking van de voorzitter geen aanwijzing geeft voor vooringenomenheid. Daarnaast is het oordeel over het aanwezig achten van de recidivegrond niet aan de wrakingskamer, maar aan hoger beroep voorbehouden.
De rechtbank benadrukt dat voorlopige hechtenis alleen kan worden bevolen bij ernstige bezwaren en dat het oordeel hierover voorlopig is, zonder vooruit te lopen op het bewijs in de hoofdzaak. Het enkele feit dat dezelfde rechters bij de voorlopige hechtenis en de einduitspraak betrokken zijn, wekt geen schijn van partijdigheid zonder bijkomende omstandigheden.
Gelet hierop verklaart de rechtbank het wrakingsverzoek niet-ontvankelijk voor het deel dat betrekking heeft op de opmerking van 13 juli 2007 en wijst het verzoek voor het overige af. Het proces wordt voortgezet in de stand van het wrakingsverzoek.
Uitkomst: Wrakingsverzoek wordt afgewezen wegens ontbreken van schijn van partijdigheid en niet-tijdigheid.