ECLI:NL:RBSGR:2007:BB9724
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening inzake verblijfsaantekening gemeenschapsonderdaan voor Iraanse vader
Verzoeker, een Iraanse nationaliteit dragende vader van een in Denemarken geboren dochter met Letse nationaliteit, verzocht om een voorlopige voorziening tegen de weigering van de Staatssecretaris van Justitie om hem de sticker “Verblijfsaantekeningen Gemeenschapsonderdanen” toe te kennen. Deze sticker zou hem het recht geven om in Nederland te verblijven en te werken zonder tewerkstellingsvergunning.
De rechtbank stelde vast dat verzoeker niet als gemeenschapsonderdaan kan worden aangemerkt op grond van artikel 1 van Pro de Vreemdelingenwet 2000, omdat hij niet gerechtigd is tot verblijf op basis van een EG-Verdrag besluit. De Richtlijn 2004/38/EG is niet op hem van toepassing omdat hij niet ten laste is van zijn dochter, en de situatie wijkt af van het arrest Chen van het Hof van Justitie, waar de ouder zelf toereikende bestaansmiddelen had.
De rechtbank concludeerde dat verweerder terecht de sticker “Verblijfsaantekeningen Algemeen” heeft afgegeven, waarbij arbeid niet is toegestaan zonder vergunning. Het bezwaar van verzoeker had geen redelijke kans van slagen en er was geen aanleiding voor een voorlopige voorziening. Het verzoek werd daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat verzoeker niet als gemeenschapsonderdaan kan worden aangemerkt en geen verblijfsrecht heeft.