ECLI:NL:RBSGR:2007:BB6012
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- C. van Linschoten
- A.W.M. van Hoof
- G.A. van der Straaten
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verlengingsaanvraag verblijfsvergunning wegens niet-tijdige indiening en mvv-vereiste
Eiser, een Guinese vreemdeling, had een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking 'alleenstaande minderjarige vluchteling' die laatstelijk geldig was tot 16 maart 2004. Zijn aanvraag tot verlenging van deze vergunning, ingediend op 24 augustus 2005, werd afgewezen omdat deze ruim zeventien maanden na het verlopen van de vergunning was ingediend, wat niet binnen de redelijke termijn van zes maanden viel zoals voorgeschreven in het Vreemdelingenbesluit 2000.
Eiser voerde aan dat hij niet verantwoordelijk was voor de vertraging en dat een besluit- en vertrekmoratorium voor Guinee gold, maar de rechtbank stelde vast dat dit moratorium pas na het bestreden besluit was ingesteld en daarom niet relevant was voor de beoordeling. Tevens was het besluit van 2 maart 2007 formeel genomen door een onbevoegde minister, maar dit gebrek werd gepasseerd omdat eiser daardoor niet in zijn belangen was geschaad.
De rechtbank oordeelde dat eiser niet voldeed aan het mvv-vereiste en niet viel onder de vrijstellingscategorieën. De hardheidsclausule werd niet toegepast omdat de omstandigheden niet uitzonderlijk genoeg waren. Verder werd geoordeeld dat het horen van eiser in de bezwaarfase niet verplicht was, aangezien het bezwaar kennelijk ongegrond was. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de verlengingsaanvraag van de verblijfsvergunning wordt afgewezen wegens niet-tijdige indiening en ontbreken van een geldige mvv.