ECLI:NL:RBSGR:2007:BA9379
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering machtiging voorlopig verblijf voor gezinshereniging meerderjarige zoon
Eiser, een meerderjarige zoon uit Suriname, diende een aanvraag in voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van gezinshereniging met zijn moeder die in Nederland verblijft. De aanvraag werd afgewezen omdat achterlating in het land van herkomst geen onevenredige hardheid zou opleveren. De moeder en andere kinderen van eiser kregen wel een mvv toegewezen en zijn naar Nederland gekomen, waardoor eiser als enige achterbleef.
De rechtbank oordeelt dat verweerder niet in redelijkheid voorbij kon gaan aan de bijzondere omstandigheden, zoals de hechte familieband, het feit dat de vader het gezin verliet en de bijzondere positie van eiser als oudste zoon. Ook is vastgesteld dat de moeder eerst haar situatie wilde stabiliseren alvorens de kinderen over te laten komen.
Verder oordeelt de rechtbank dat het besluit in strijd is met artikel 8 EVRM Pro, aangezien sprake is van gezinsleven en een objectieve belemmering om dit buiten Nederland uit te oefenen. Verweerder heeft onvoldoende rekening gehouden met de meer dan emotionele banden tussen eiser en zijn familie.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit en beveelt een nieuw besluit binnen zes weken. Tevens worden de proceskosten en griffierechten aan eiser toegekend.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit tot weigering van de mvv wordt vernietigd.