ECLI:NL:RBSGR:2007:BA6956
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens betrokkenheid bij oorlogsmisdrijven en ongewenstverklaring
Eiser, een Angolese staatsburger en voormalig militair bij de FLEC, heeft asiel aangevraagd in Nederland. Hij gaf aan dat hij tijdens zijn diensttijd burgers heeft gedood om de geheimhouding van FLEC-operaties te waarborgen. Hoewel hij werd gearresteerd en gedetineerd, werd hij onschuldig bevonden en vluchtte hij uit angst voor vervolging door zowel de FLEC als de Angolese regering.
De staatssecretaris van Justitie wees de asielaanvraag af op grond van artikel 1 F van het Vluchtelingenverdrag, omdat eiser ernstige redenen had om te veronderstellen dat hij zich schuldig had gemaakt aan oorlogsmisdrijven. Tevens werd eiser ongewenst verklaard in het belang van de internationale betrekkingen. Eiser voerde aan dat hij geen persoonlijke betrokkenheid had bij de gepleegde misdrijven en dat zijn geloofsovertuiging hem niet aansprakelijk maakte.
De rechtbank oordeelde dat eiser wel degelijk persoonlijk en bewust heeft deelgenomen aan de misdrijven, waarbij zijn eerdere verklaringen en de zienswijze van zijn toenmalige gemachtigde als bewijs werden meegewogen. Het beroep werd ongegrond verklaard, en de afwijzing van de asielaanvraag en de ongewenstverklaring werden bevestigd. De rechtbank vond geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de asielaanvraag wordt afgewezen wegens ernstige redenen om te veronderstellen dat eiser oorlogsmisdrijven heeft gepleegd.