ECLI:NL:RBSGR:2007:BA6224
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens strijd met vertrouwens-, zorgvuldigheids- en motiveringsbeginsel
Eisers, van Armeense nationaliteit en etnische afkomst Azerbeidzjaans en Armeens, vroegen in 2003 een verblijfsvergunning asiel aan. Verweerder wees de aanvragen af op basis van ongeloofwaardigheid van het asielrelaas, met name over verblijf in landen buiten Armenië. De rechtbank oordeelt dat verweerder in eerdere procedure het asielrelaas niet als ongeloofwaardig had bestempeld en dat nieuwe afwijzing zonder nieuwe feiten in strijd is met het vertrouwens-, zorgvuldigheids- en motiveringsbeginsel.
De rechtbank stelt vast dat verweerder zich niet heeft gebaseerd op nieuwe informatie die het eerdere oordeel over de geloofwaardigheid zou wijzigen. De beoordeling richtte zich vooral op verklaringen over verblijf in Georgië, Oekraïne en Rusland, niet op het eigenlijke asielrelaas over Armenië. Eisers hebben consistent hun verhaal gedaan en verweerder heeft onvoldoende gemotiveerd waarom het asielrelaas nu ongeloofwaardig zou zijn.
De rechtbank vernietigt de bestreden beschikkingen en beveelt verweerder opnieuw te beslissen met inachtneming van deze overwegingen. Tevens worden de proceskosten aan verweerder opgelegd. De beroepen tegen het niet tijdig beslissen worden niet-ontvankelijk verklaard omdat inmiddels wel besluiten zijn genomen.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de afwijzing van de verblijfsvergunningen en beveelt nieuwe besluitvorming met inachtneming van het vertrouwens-, zorgvuldigheids- en motiveringsbeginsel.