ECLI:NL:RBSGR:2007:BA4466
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing visumaanvraag kort verblijf wegens onvoldoende motivering en zorgvuldigheid
Eiseres, een 14-jarig meisje van Senegalese nationaliteit, vroeg een visum kort verblijf aan om haar gehandicapte vader in Nederland te bezoeken. De aanvraag werd door verweerder afgewezen vanwege twijfel aan de familiale band en het ontbreken van een wezenlijke sociale en economische binding met het land van herkomst, wat vestigingsgevaar zou opleveren.
De rechtbank oordeelde dat de familiale band voldoende was aangetoond door overgelegde geboorteaktes en dat verweerder de hoorplicht had geschonden door niet eerst de twijfels over de familiale band en economische binding aan eiseres of haar vertegenwoordiger voor te leggen. Ook was de motivering van het besluit onvoldoende, met name ten aanzien van de sociale binding en de verblijfsduur.
Verder stelde de rechtbank dat van een 14-jarige geen economische binding kan worden verlangd en dat het wonen in een grootfamilie wel degelijk een sociale binding met het land van herkomst impliceert. Het beroep werd gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen binnen zes weken een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van het visum kort verblijf is gegrond verklaard en het besluit vernietigd.