ECLI:NL:RBSGR:2007:AZ9967
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.A.C. van der Poel
- W. Toekoen
- M.L. Weerkamp
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ongewenstverklaring vreemdeling wegens gevaar voor openbare orde en nationale veiligheid
Eiser, een Algerijnse vreemdeling die sinds 1996 in Nederland verbleef, werd door verweerder ongewenst verklaard wegens gevaar voor de openbare orde en nationale veiligheid. Deze beslissing volgde op meerdere strafrechtelijke veroordelingen en een individueel ambtsbericht van de AIVD dat eiser in verband bracht met extremistische activiteiten en paspoorthandel.
Eiser voerde aan dat hij geen actuele bedreiging vormde en dat het lange verblijf in Nederland vertrouwen had gewekt dat strafbare feiten hem niet meer zouden worden tegengeworpen. Ook betwistte hij de juistheid van het AIVD-rapport en stelde dat onvoldoende rekening was gehouden met zijn gezinsbelangen en het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind.
De rechtbank oordeelde dat de strafrechtelijke veroordelingen voldoende grond boden voor de ongewenstverklaring en dat het AIVD-ambtsbericht helder en concreet was, zodat verweerder dit mocht volgen zonder inzage in onderliggende stukken. De belangenafweging gaf meer gewicht aan het algemene belang van openbare orde en nationale veiligheid dan aan het persoonlijke belang van eiser.
Het beroep werd ongegrond verklaard en de rechtbank zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Partijen werd gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen zijn ongewenstverklaring wegens gevaar voor openbare orde en nationale veiligheid wordt ongegrond verklaard.