ECLI:NL:RBSGR:2007:AZ7363
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting uitgeprocedeerde asielzoekers in afwachting pardonregeling
Verzoekers zijn een gezin met kinderen van Azerbeidzjaanse nationaliteit die hun eerste asielaanvraag voor 1 april 2001 indienden en sindsdien onafgebroken in Nederland verbleven. Hun asielaanvragen zijn afgewezen en bezwaren ongegrond verklaard. Verzoekers beriepen zich op het uitzetmoratorium zoals opgenomen in de moties Dijsselbloem en Bos, die uitzettingen van bepaalde groepen uitgeprocedeerde asielzoekers opschorten.
De voorzieningenrechter overweegt dat de motie Dijsselbloem c.s. een verlenging van de opschorting van uitzettingen beoogt, met uitzondering van personen die ongewenst zijn verklaard of openbare orde-aspecten betreffen. Het kabinet besloot de gedwongen uitstroom uit het Project Terugkeer tijdens de demissionaire periode niet te effectueren bij humanitaire bezwaren, met name voor gezinnen met kinderen.
Gezien het mogelijke toepassingsbereik van een nog te treffen pardonregeling en het belang van verzoekers om in Nederland te verblijven om deze regeling af te wachten, weegt dit zwaarder dan het belang van verweerder bij uitzetting. Daarom wordt het verzoek om een voorlopige voorziening toegewezen en wordt verweerder verboden verzoekers uit te zetten tot vier weken na beslissing op hun bezwaarschriften.
Uitkomst: De rechtbank verbiedt de uitzetting van verzoekers tot vier weken na beslissing op hun bezwaarschriften.