ECLI:NL:RBSGR:2007:AZ6704
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling maatregel en intrekking bijstand wegens niet-nakoming inlichtingenplicht
Eiseres had het recht op bijstand opgeschort gekregen per 1 december 2004 en dit recht werd vervolgens ingetrokken vanwege het niet tijdig aanleveren van gevraagde bankafschriften van haar rekening bij de Demir-Halk Bank. Daarnaast werd haar een maatregel opgelegd ter hoogte van 5% van de bijstandsnorm omdat zij haar inlichtingenplicht niet naar behoren was nagekomen.
De rechtbank oordeelt dat verweerder terecht de maatregel oplegde op grond van de Maatregelenverordening en artikel 18, tweede lid, van de WWB, ondanks dat de gedraging plaatsvond voordat deze regelgeving in werking trad. Eiseres heeft nagelaten de gevraagde bankafschriften tijdig te overleggen, wat verwijtbaar is. De opgelegde maatregel is proportioneel en in overeenstemming met de ernst van het feit.
Ten aanzien van de intrekking van de bijstand stelt de rechtbank vast dat verweerder onjuist heeft verwezen naar artikel 54, eerste lid, onder b, van de WWB in plaats van het juiste vierde lid. Dit leidt tot vernietiging van het besluit op formele gronden, maar de rechtsgevolgen van de intrekking blijven gehandhaafd omdat eiseres onvoldoende hersteltermijn heeft benut.
Het beroep van eiseres is daarom deels gegrond (formele motivering intrekking) maar wordt verder afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Het hoger beroep kan worden ingesteld bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt de maatregel van 5% van de bijstandsnorm en vernietigt het besluit tot intrekking op formele gronden met instandhouding van de rechtsgevolgen.