ECLI:NL:RBSGR:2006:BA8572
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gedeeltelijke toewijzing vordering garagebedrijf wegens ongerechtvaardigde verrijking bij doorverkoop gestolen auto
In deze zaak vordert garagebedrijf [A.] betaling van €5.000 van garagebedrijf [B.] wegens ongerechtvaardigde verrijking door de doorverkoop van een gestolen Nissan Micra. De auto was in 1998 gestolen en later door [B.] verkocht aan een particulier, die de auto vervolgens aan [A.] inruilde. [A.] verkocht de auto weer door, waarna bleek dat het chassisnummer was omgekat.
De kantonrechter constateert dat zowel [A.] als [B.] niet de zorgvuldigheid betracht hebben die van professionele handelaren verwacht mag worden. De revindicatie door de verzekeraar was niet meer mogelijk vanwege verstreken termijnen, waardoor [A.] aansprakelijk werd gesteld en de betaalde verkoopprijs aan de verzekeraar heeft voldaan.
De rechter oordeelt dat zowel [A.] als [B.] ongerechtvaardigd verrijkt zijn, maar dat de gevolgen van hun gezamenlijke nalatigheid gelijkelijk moeten worden gedragen. Daarom wordt de vordering van [A.] gedeeltelijk toegewezen tot €1.829,47, met afwijzing van buitengerechtelijke kosten. De vordering van [B.] tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten wordt afgewezen.
Uitkomst: De vordering van garagebedrijf [A.] wordt gedeeltelijk toegewezen tot €1.829,47, met afwijzing van de tegenvordering en buitengerechtelijke kosten.