ECLI:NL:RBSGR:2006:AZ5640
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit tijdelijke bevordering militair wegens onvoldoende motivering
Eiser, korporaal der eerste klasse bij de Koninklijke Luchtmacht, werd tijdelijk bevorderd tot sergeant gedurende zijn uitzending als tolk in Afghanistan. Hij maakte bezwaar tegen deze tijdelijke bevordering en stelde dat de motivering onduidelijk was en dat hij onterecht niet hoger was bevorderd, terwijl tolken met lagere vooropleiding hogere rangen hadden.
Verweerder stelde dat de tijdelijke bevordering op goede gronden was gebaseerd, waaronder een beoordeling via gesprekken, assessments en taaltesten, en dat het beleid was vastgelegd in de CDS-aanwijzing A-146. Eiser betwistte dit en stelde dat het beleid ten tijde van zijn uitzending niet schriftelijk was vastgelegd en dat hij niet was ingedeeld volgens categorieën zoals later gebruikelijk.
De rechtbank oordeelde dat het bestreden besluit onvoldoende gemotiveerd was, met name omdat verweerder niet duidelijk had gemaakt welk beleid destijds gold, welke taken en verantwoordelijkheden eiser had en hoe de factoren waren meegewogen. Ook ontbrak een concrete motivering ten aanzien van het gelijkheidsbeginsel. Daarom werd het beroep gegrond verklaard, het besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht aan eiser te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot tijdelijke bevordering wordt vernietigd.