ECLI:NL:RBSGR:2006:AZ4597
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.A.M. Heeregrave
- H. Heins
- F. Spiering-Van der Maden
- Rechtspraak.nl
Tussenbeslissing over verschoningsrecht journalist en onderzoeksverzoeken in zaak metselmoorden
In deze tussenbeslissing van de rechtbank 's-Gravenhage in de strafzaak rond de zogenaamde 'metselmoorden' wordt geoordeeld over diverse verzoeken die tijdens de pro forma zitting van 16 november 2006 zijn gedaan.
De rechtbank oordeelt dat journalist V. geen beroep kan doen op zijn verschoningsrecht voor vragen die betrekking hebben op zijn bronnen omtrent een cruciale afspraak op 12 augustus 2004 tussen een slachtoffer en een getuige. Dit is noodzakelijk voor de waarheidsvinding gezien het belang van deze informatie voor het onderzoek naar voorbedachte rade. Voor politiebronnen geldt echter dat het verschoningsrecht wel wordt erkend, omdat openbaring daarvan niet essentieel is.
Verder wijst de rechtbank verzoeken af om nader vezelonderzoek uit te voeren, omdat kleding van slachtoffers en verdachten niet meer beschikbaar is en een vezelidentificatieonderzoek geen bijdrage zal leveren aan de waarheidsvinding. Ook wordt het verzoek tot het horen van twee getuigen uit India afgewezen, omdat het zeer onwaarschijnlijk is dat zij binnen een aanvaardbare termijn zullen verschijnen en het belang van een tijdige afdoening zwaarder weegt.
Ten slotte wordt het verzoek om opheffing van het embargo op contacten tussen verdediging en deskundigen toegewezen, en een nader onderzoek naar het voorkomen van bepaalde namen in voorafgaand politieonderzoek afgewezen wegens voldoende informatie uit eerdere verklaringen.
Uitkomst: Journalist V. moet antwoorden geven op vragen over een cruciale afspraak; overige verzoeken worden afgewezen.