ECLI:NL:RBSGR:2006:AZ2885
Rechtbank 's-Gravenhage
- Schadevergoedingsuitspraak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen voortduring vrijheidsontnemende maatregel en schadevergoeding in vreemdelingenzaak
Eiser, een vreemdeling uit Pakistan, werd op 17 december 2005 een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd op grond van artikel 6 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Hij werd op 30 maart 2006 gepresenteerd bij de Pakistaanse autoriteiten voor een laissez-passer aanvraag, waarop op 10 augustus 2006 werd geantwoord dat deze niet zou worden afgegeven vanwege onjuiste gegevens van eiser. Daarnaast lopen er twee onderzoeken in Pakistan, één bij de Pakistaanse Immigratiedienst (FIA) en één door de Nederlandse ambassade.
Eiser betoogde dat de maatregel niet langer mocht duren dan noodzakelijk en verweerder onvoldoende had gedaan om zijn uitzetting te bespoedigen. De rechtbank oordeelde dat verweerder voldoende inspanningen heeft verricht, waaronder herhaaldelijke rappelleringen bij de Pakistaanse autoriteiten, en dat eiser onvoldoende meewerkt aan het vaststellen van zijn identiteit.
De rechtbank stelde vast dat de voortduring van de maatregel gerechtvaardigd is zolang het identiteitsonderzoek loopt en dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij niet aan zijn vertrekplicht kan voldoen. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er werden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de voortduring van de vrijheidsontnemende maatregel wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.