ECLI:NL:RBSGR:2006:AZ1682
Rechtbank 's-Gravenhage
- Schadevergoedingsuitspraak
- Rechtspraak.nl
Schending recht op rechtsbijstand bij vreemdelingenbewaring zonder opheffing maatregel
Eiser, van Marokkaanse nationaliteit, werd op 21 september 2006 in vreemdelingenbewaring gesteld. Voor het horen ex artikel 59 Vreemdelingenwet Pro 2000 werd hij niet bijgestaan door een raadsman, ondanks zijn uitdrukkelijke verzoek om rechtsbijstand. De rechtbank constateerde dat de piketcentrale niet tijdig was geïnformeerd, aangezien het dossier geen bewijs bevatte van een handmatig verzonden fax vóór het horen, maar pas een automatische melding na het horen.
Verweerder kon het tijdig informeren van de piketcentrale niet aannemelijk maken, omdat geen faxjournaal of ontvangstbewijs was overgelegd. De rechtbank kwalificeerde dit als een schending van het recht op rechtsbijstand, een grondrecht van bijzonder belang voor vrijheidsbeneming.
Desondanks oordeelde de rechtbank dat deze schending niet leidde tot opheffing van de maatregel van bewaring, omdat eiser de inhoud van zijn verklaringen niet had betwist en de belangen van uitzetting en openbare orde zwaarder wogen. Ook het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen. Het beroep werd derhalve ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van vreemdelingenbewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.