ECLI:NL:RBSGR:2006:AZ1165
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen boete wegens overtreding Wet arbeid vreemdelingen door commanditaire vennootschap
Eiseres, een commanditaire vennootschap, kreeg een boete van €38.000 opgelegd wegens het laten werken van vier vreemdelingen zonder geldige tewerkstellingsvergunning en het niet naleven van administratieve verplichtingen uit de Wet arbeid vreemdelingen (Wav).
Eiseres voerde aan dat de boete onterecht was omdat de controleurs niet bevoegd waren, de procedure voor verblijfsvergunningen nog liep, en zij feitelijk als een eenmanszaak moest worden beschouwd. Daarnaast stelde zij dat de administratie deugdelijke was en dat het een incident betrof.
De rechtbank oordeelde dat de commanditaire vennootschap gelijkgesteld wordt met een rechtspersoon en dus boeteplichtig is. De overtredingen waren aan eiseres toe te rekenen, ook omdat de werkgever verantwoordelijk is voor controle van identiteitsdocumenten. De boetehoogte was in lijn met beleidsregels en niet onredelijk. De aangevoerde verzachtende omstandigheden waren onvoldoende om matiging te rechtvaardigen.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de boete wegens overtreding van de Wet arbeid vreemdelingen wordt ongegrond verklaard.